donderdag 22 mei 2008

Urbanus had gelijk

Zo'nen wortel op uwen kop is echt rapper. Voor degenen die de show niet kennen, het gaat om een tijdrithelm. Goed, de mijne is geen anderhalve meter lang en ook niet knal oranje, maar toen ik hem de eerste keer opzette moest mijn vriendin toch erg hard lachen. En dat zonder Vlaams accent. Het tijdritpak, schoenhoezen en de fiets, natuurlijk, maken het af. Dan ga je een uurtje heel hard trappen op Wheelerplanet (mooi asfaltbaantje) en dan heb je zomaar 42.6 kilometer gereden. Dat vond ik zelf best veel.

Ik heb vaak gelezen over renners die na een tijdrit van een uur nauwelijks nog konden lopen of zelfs van hun fiets getild moesten worden. Nou geloof ik dat die gasten het gaatje iets beter weten te vinden dan ik, maar het viel me toch mee. Kwa stijfheid en kramp, dan. Kwam ook wel goed uit, want ik was alleen op de baan, op een buizerd na, die 6 rondjes achter elkaar in dezelfde bocht opvloog als ik langsreed. Toen was ie het zat, denk ik.

Toch kan het harder. Eergisteren deed ik 42.1 kilometer. Een betere prestatie, vertelde mijn powermeter; gemiddeld een aanzienlijk hoger wattage, maar niet sneller. Ondanks het bos maakt de wind toch een groot verschil. Nou kan ik gaan rekenen wat de snelheid was geweest, als de wind zus of zo... Lekker belangrijk. Alleen vermogen is echt interessant, want dat heb ik over 2 weken nodig. Hoe hard ik over een baantje in Spaarndam kan rijden doet er dan weinig toe. Maar het ging wel erg hard.

woensdag 30 april 2008

Tenerife

Topografie
Alweer weken geleden, maar nog vers in het geheugen. Misschien was het bij terugkomst zo vers dat er van schrijven even niks kwam. Noem het luiheid, maar een beetje nuanceren kan geen kwaad, want heilige poep, wat heb ik het koud gehad. Terug in nederland was ik een weekje van de kaart. Als iemand op dit moment denkt een rode draad in mijn fietsverhalen te ontdekken, dan is dat onzin. Het is wel vreemd om een paar duizend kilometer naar het zuiden af te zakken en dan op een vulkaan in de Atlantische oceaan de Echte Kou te ontdekken. Of misschien is het niet zo raar, als je even nadenkt.


Tenerife is een schitterend eiland en een perfekte plaats om Nederlandse winter (of klimaat in het algemeen) te ontvluchten. De zuidkust is het zonnigste, droogste deel. Daar vind je dus ook de meeste toeristen. De Noordkust heeft de mooiste natuur, meer bewolking en wat vaker regen, maar ook het hele jaar door een prettige temperatuur. Echter, ik kwam niet voor kust, want die heb ik in Haarlem ook naast de deur. Ik kwam voor de oorzaak van het verschil tussen Noord en Zuid; El Teide (rechtsboven zie je zijn voet onder de bewolking uitsteken). De vulkaan die het eiland vormt is met 3800 meter de hoogste berg van Spanje. Het asfalt gaat van zeenivo tot 2300 meter. Langer klimmen kun je vrijwel nergens. 40 kilometer non-stop omhoog, dat leek me wel wat. En dat was het ook.

De Keuterberg is een mietje
Vanuit hotel Chimisay in het centrum van Puerto de la Cruz was het even zoeken naar de berg, of althans, de juiste route. "De beklimming van de Teide is eindeloos, maar zeer constant en nergens echt steil." Uh-huh. Na wat steigend zig-zaggen moest de hoofdweg naar de top ergens rechts van me liggen. Ik sla een weg in en het wordt zwaar. Terugschakelen. Mijn voorwiel komt even los. Ik ga staan en bedenk te laat dat ik beter wat meer had kunnen terugschakelen. Geeft niks, ik blijk al op het kleinste verzet te rijden. Stampen is een beter woord. Dit kan je echt geen weg meer noemen. Blik op de powermeter; 430 Watt en 9 Kmh. 34/27 is te groot... Ik schiet in een lach die niemand ziet. Maakt niet uit, de mensen denken toch al dat ik gek ben om deze weg omhoog te nemen. Ik ga er maar van uit dat de claxons bedoeld zijn om me aan te moedigen. Ik moet nog 35 kilometer klimmen en wil het wat rustiger aandoen, maar dat kan niet, want dan val ik om.

Eenmaal op de hoofdweg begint het: Glimlachklimmen. Heerlijk tempo omhoog. Bordjes 1100m, 1300m, 1500m, zie mijn adem. 1600m. Tikkie fris. SRM legt uit: 5degC. Rij ondertussen nog een wolk in. Mooiwis. Kouddalen. Weer dezelfde bordjes en ik tel af in omgekeerde volgorde. Windvest, armstukken en de gratis hotelkaart onder mijn shirt, toch koud. Het begint te regenen, ik zie er de lol niet van in en het stopt dan ook direkt. Ik daal het eerste restaurant in. Ze hebben er Cafe Grande en een haard met veel te weinig hout op het vuur. De gokkast is net zo warm. Zou me dat anders ook zijn opgevallen? Verder, naar beneden en de warmte. Kleine 3 uur, en ik weet weer waarom klimmen zo leuk is, ik kan het alleen nog steeds niet uitleggen.

Picos del Teide

Maar het moet natuurlijk helemaal omhoog. Ongeveer halverwege ziet dat er zo uit. Een stille, koude, kleine wereld. Ademhaling, druppels. Optimistische bordjes kondigen weidse vistas aan. Ik geloof het vast, maar niet vandaag.

En ook niet morgen, want dan veranderd op dezelfde plaats de wereld in dit. Nog kleiner, meer druppels. Mijn achterwiel begint mijn reet te besproeien, maar ik wordt niet koud, alleen wat moe. Ik weet nu wat er boven wacht. De top van de berg is een stenen toren, midden in de vlakte van een reusachtige krater. De weg valt over de rand van de krater en de wereld veranderd opnieuw, en goed. Wolken weg, regen weg, zon op mijn zeiknatte kop. En het uitzicht. Na de bemoste bomen en druipende varens rij ik plotseling in een woestijn. Ik ga zitten en word droog en warm met kippevel, op 2300 meter.


Maar de wolken zijn vanacht de krater binnengevallen en dus blijf ik vandaag nat. De blower in het toilet van een restaurantje is geen goed alternatief. La Esperanza, 45 kilometer afdalen, het regent en de temperatuur is 4 graden Celsius.

Volgend jaar pak ik de zuidkant.

woensdag 12 maart 2008

Waarom?

Mijn broer verteldt me dat de partner van een collega die nacht is overleden aan nierkanker. Vanochtend krijgt mijn vriendin een berichtje van een collega: haar vader heeft kanker en heeft 2 tot 5 maanden te leven. In gedachten schuif ik achter de computer om een stukje te schrijven voor het personeelsblad van Transavia.com, met beter nieuws: Gisteren heb ik het door Zoetemelk en Merckx gesigneerde shirt van 2007 overhandigd aan Onno van den Brink, onze President-directeur. In een leuk gesprek (ik kon over Alpe d'HuZes en fietsen praten) zegde hij toe opnieuw mee te doen. Fantastisch.

Letterlijk terwijl ik schrijf dat die rotziekte er nog is en daarom mijn collega's oproep opnieuw te sponsoren, komt een e-mail binnen van een goede vriendin. De borstkanker van haar moeder blijkt uitgezaaid en ze is niet meer te genezen. Ik zou zo graag willen dat ik dit verzin, maar het staat er echt.

Daarom dus. Daarom die berg op. Zo vaak als het moet. Want alleen een dwaas blaast tegen de wind in, maar met zijn allen veranderen we zijn richting. Dus als je dit leest; meeblazen. Zo hard als je kunt.

maandag 3 maart 2008

FTP

In de voorspelling; 10 graden, windkracht 6, maar droog. Daarmee leek gisteren de beste dag van de komende week. Dus daar heb ik maar gebruik van gemaakt. Het weer was eigenlijk gewoon schitterend. Ruim 3 uur getraind, niet te lang, niet te zwaar. De dag ervoor was namelijk nogal intensief. Anderhalf uur op de rollenbank met een 'blok' van een uur. Het wattage net iets onder FTP. Functional Threshold Power, wie kent het niet. Eigenlijk simpel, dat is het vermogen (intensiteit) dat je in een tijdrit van uur kan volhouden. Als je er héél véél zin in hebt. Het is namelijk bijzonder oncomfortabel. Als je nu net iets onder die intensiteit gaat trainen, is het nog steeds geen pretje, maar het is beter te doen en kan ook vaker worden herhaald, zonder lichaam en geest te overbelasten.

Het was de tweede keer agelopen week dat ik deze training deed, wel zo'n beetje het maximum op dit moment in het seizoen. Maar ik wilde een bevestiging van de getallen. Die heb ik nu en de conclusie is dat ik nu het nivo heb waar ik eind April op hoopte te zitten. Reden tot feest, of zorgen? Je kan namelijk ook te vroeg 'pieken'. Rij je midden in de winter de straatstenen uit de grond, ben je als het echt moet een pannekoek. Valt verder weinig aan te doen, behalve te zorgen dat ik niet teveel op intensiteit train en wat meer op volume. Daar werkt de winter niet aan mee, want ik zie dat op mijn vrije dagen een mooie cocktail staat gepland: 1 tot 6 graden, windkracht 5 en winterse buien. Dat laatste is de druppel, want bij die temperaturen zeiknat worden is gewoon niet verstandig. Van de valpartij is eigenlijk alleen een mooi geelgekleurde linkerdij over en daar wou ik het wat betreft de lichamelijke schade voorlopig bij houden.

dinsdag 19 februari 2008

Veldrijden

Mooie sport. Om naar te kijken. Vandaag heb ik het zelf ook mogen doen, maar dan wel op de weg. Grappig hoe, zonder dat er een druppel regen valt, je fiets er in-no time uitziet of Lars Boom er op heeft gereden: van onder tot boven blubber. Ik vertrok vanochtend in de mist en de wegen waren kletsnat. Een uur of wat verder, midden in het Groene Hart, zat de noeste arbeid der boeren tot in mijn oren. Tel daarbij nog een groot aantal wegwerkzaamheden (6 kilometer fietspad opgebroken), en het modderbad is kompleet. Na en passant ook nog over/door een flesje gereden te zijn (5 minuten scherven uit mijn banden plukken), kwam ik bij een mooie, droge bocht. Mijn voorwiel was blijkbaar niet overtuigd en dus ging ik even liggen. Ik denk dat aangekoekte modder op de wangen van de band ervoor zorgde dat ik in de bocht geen grip had. Resultaat: Mijn bijzonder goede en net zo dure Assos broek kapot, zweetshirt gescheurd, gaatje in mijn jas en een deuk in beide shifters. Verder lijkt de fiets geen schade te hebben. Ik wel, maar het stelt niet veel voor. Schaafwond op mijn elleboog en op mijn dijbeen. Beetje dik. Morgen lekker stijf. Dan is het goed voor de spieren om even warm te rijden. Maar dat doe ik op de rollenbank. Zonder Modder.

maandag 11 februari 2008

Ik mag weer

Dat Alpe d'HuZes, dat was toch voorbij?

Was het maar waar. Voor veel mensen begint het elke dag opnieuw. Vorige week vertelde Alpe d'HuZes-boegbeeld Peter Kapitein me dat het voor hem op 8 Maart weer begint. Stamcel transplantatie, wist ik niks van. Nu een klein beetje. Peter gaat dit jaar overleven. Wij mogen fietsen.

Acht keer Alpe D'Huez, hoe train je daarvoor?
Vaak en veel. Dat vat het wel redelijk samen. De rest zijn details. Details waar ik met gemak urenlang over kan zeuren, maar dan komt er van dat trainen weinig terecht. Heb ik mooi een excuus voor het late tijdstip van deze eerste updeet, want de training is toch echt op 1 Januari serieus begonnen. Met een hardnekkige verkoudheid, weliswaar, maar de 6e zat ik toch weer op de fiets voor een voorzichtig ritje van 2 uur. Dat ging goed, en drie dagen later volgde een wat minder voorzichtige rit van 5 uur. De beloning was een stevige dip. Nog niet halverwege de geplande route was het leuke er wel vanaf, maar het idee van omkeren dat ineens opkwam irriteerde me, dus ik reed door. Een half uur later voelde ik me weer prima en heb genoten van de resterende uren. Vreemd is dat, hoe je kan herstellen tijdens het fietsen. En dat zonder Cup-A-Soup.

Goed doorgetraind de afgelopen weken. De laatste was er één van 17 uur totaal. Erg tevreden. Ook de afwezigheid van regen wordt gewaardeerd. Ik heb al 10 dagen mijn fiets niet gewassen. Nu vraag ik er natuurlijk om: morgen staat een rit van 5 uur op het programma.